Station to station

Architecture blog, Guillemins station

Guillemins staion, Liège. Photo: RM

If the same solution is applied often enough for a particular type of building, a new  typology is created. This can take place relatively quickly; comparatively young building types have already instilled a particular archetypal form in our subconscious. Take the train station for example, a typology of about 150 years old. The “terminus” typology has developed itself as a kind basilica whose entrance façade missing; that’s where the trains come in. The the more common parallel station has an entrance building behind which the trains stop under one or more stretched vaults (half pipes).

Railways always form a barrier in the city, but in the vicinity of stations, this is even more so, because of the high concentration of tracks and the fact that station buildings are usually structured parallel to these track. Also in the city of Liege. The old station closed the city center on one side, off from the neighbourhood  of Cointe, situated on the hill on the other side of the tracks. When the city was going to build a new station, the architect Calatrava managed, by means of a reversal of the typology, not vaulting the roof perpendicular to the tracks but parallel to them, to eliminate this barrier. The single vault, of 200 meters long, follows the shape of the hill located behind it and is open to both sides, forming a connection rather than an obstacle. Another advantage is that Liege, not the most  appealing of cities, has gained an architectural icon.

Als er voor een bepaald type gebouw maar vaak genoeg een zelfde oplossing wordt toegepast, ontstaat een nieuwe typologie. Zoiets kan relatief snel gaan; betrekkelijk kort bestaande gebouwtypes hebben zich al in ons onderbewuste ingeprent in een bepaalde archetypische vorm. Neem nu het station, een typologie van ongeveer 150 jaar oud. Het kopstation heeft zich ontwikkeld als een soort basiliek waarvan de entreegevel ontbreekt; daar rijden de treinen  naar binnen. Het “langsstation” als een entreegebouw waarachter de treinen onder een of meer gewelfde overkappingen (halve buizen) kunnen stilstaan.

Treinrails vormen sowieso al een barrière in de stad, maar in de nabijheid van stations is dit des te meer het geval door de concentratie van het aantal sporen en het feit dat stationsgebouwen zich meestal parallel aan die sporen ontwikkelen. Zo ook in de stad Luik. Het oude station sloot het stadscentrum aan de ene kant,  af van de wijk Cointe, gelegen op een heuvel aan de andere kant van het spoor.  Toen de stad een nieuw station ging bouwen, slaagde de architect Calatrava erin om door middel van een omkering van de typologie, de overkapping niet haaks op de sporen te laten overspannen  maar parallel eraan, deze barrière op te heffen. Het gewelf van 200 meter lang, dat de vorm volgt van de achtergelegen heuvel, is aan beide zijden geopend, waardoor het station een verbinding  gaat vormen in plaats van een obstakel.  Bijkomend voordeel is dat Luik, toch niet de meest aansprekende stad, een architectonisch icoon rijker is.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s